Als je hoogsensitieve kind lelijke dingen zegt: “Ik haat je!”
“Ga weg!”
“Ik haat je!”
“Ik wil je niet meer zien!”
Of nog heftiger.
Wanneer een kind overstuur is komen er soms hele harde woorden uit.
Onlangs kreeg ik een hele lieve mail van een oma die zich zorgen maakte over de lelijke dingen die haar kleinzoon zegt als hij overstuur is.
En ik snap dat.
Het klinkt heel heftig en het kan heftig binnenkomen. Vooral als je het persoonlijk opvat, gelooft dat je kind het echt meent of niet begrijpt waar het vandaan komt.
Dus daar wil ik het vandaag over hebben.
Waarom zeggen kinderen lelijke dingen als ze overstuur zijn?
Er spelen op zo’n moment drie dingen tegelijk:
- Brein in overlevingsmodus
- Wanhopige behoefte aan invloed
- Onderliggende angsten en zelfbeeld
1. Brein in overlevingsmodus
Als je kind overstuur is, staat het stoplicht op rood.
Er zit te veel spanning in het lichaam en het brein schiet in een overlevingsreactie: vechten, vluchten of bevriezen.
Kinderen met een zacht temperament zullen eerder vluchten of bevriezen als ze overstuur zijn (huilen, wegkruipen, paniek).
Kinderen met een sterker temperament of een sterke wil reageren (automatisch, zonder bewuste keuze) sneller met vechten.
Boos, heftig, én een grote mond 🙂

Op dat moment denkt je kind niet na over wat het zegt. Sterker nog, het denkende deel van het brein staat even uit.
Wat eruit komt is geen mening over jou, het is niet wat je kind voelt over jou en je kind heeft er heel weinig tot geen controle over.
Het is spanning die eruit moet, en woorden zijn wat er toevallig voorhanden is.
2. Wanhopige behoefte aan invloed
Een kind dat overstuur is, voelt zich machteloos.
Er gebeurt iets wat het niet wil, of het krijgt iets niet wat het heel graag wil, en het kan er niks aan veranderen.
Het wordt overspoeld door emoties waar het geen controle over heeft.
Invloed, autonomie, is een hele sterke emotionele basisbehoefte van kinderen.
En hoogsensitieve kinderen voelen dat vaak minder, omdat de wereld sneller overweldigend voor ze is. Dus voor je gevoelige kind is deze behoefte nog groter en belangrijker.
En als je je machteloos voelt, grijp je naar het enige wat nog wél werkt: woorden waarvan je weet dat ze iets doen.
“Ik haat je” doet iets. Dat ziet je kind aan je gezicht.
Als ik jouw gevoel kan beïnvloeden, dan voel ik invloed.

Dat is geen bewuste keuze, dat gaat vanzelf. Deze behoefte is supersterk en onbewust.
Kinderen hebben een diepe onbewuste behoefte om invloed te voelen op hun leven.
Lukt dat niet op een positieve manier, dan komt het er op een negatieve manier uit.
Op knopjes drukken dus. En jouw knopjes kent je kind als geen ander.
3. Onderliggende angsten en zelfbeeld
En dan een laatste reden voor die lelijke woorden is om uiting te geven aan een gevoel.
Die woorden zijn niet willekeurig.
Vaak geven ze uiting aan de diepste angst die je kind voelt, en de gevoelens die je kind voor zichzelf heeft.
“Ik haat je” betekent vaak: ik ben doodsbang dat je mij haat nu.
“Ga weg!” betekent vaak: ik ben bang dat je weggaat.
“Jij bent stom” betekent vaak: ik voel me stom.

Bij ons volwassenen werkt het trouwens net zo 😉
Als ik bang ben dat jij mij veroordeelt, dan is dat bijna altijd omdat ik mezelf veroordeel.
We gooien onze diepste angst naar buiten, naar de mensen die het dichtst bij ons staan.
Hier zijn de stukjes van mezelf die ik het lelijkst vind. Hou je nu nog steeds van mij?
Kinderen doen dat ook. Alleen harder. En zonder rem.
In de heftigste momenten van je kind, vertelt het je z’n diepste angsten.
Onder die woorden zit vaak schaamte
Vanaf een jaar of twee, drie kan een kind zich schamen.
Stel je nu eens voor wat er vanbinnen gebeurt bij een kind dat helemaal de controle verliest. Dat gilt, gooit, slaat en dingen zegt die het niet meer terug kan nemen.
Dat voelt niet fijn. Voor jou niet, voor de omgeving niet, maar ook helemaal niet voor je kind.
Je kind voelt zich niet fijn erover.

En als daar dan ook nog een boze reactie bij komt, gemopper, straf, of alleen al die teleurgestelde blik… dan roept dat schaamte op die steeds groter wordt bij elke bui.
En schaamte is een heel naar gevoel voor kinderen. Bijna onverdraaglijk.
Ik doe iets fout, ik ben fout.
Schaamte voelt als diepe afwijzing voor kinderen.
Dus de volgende keer komt het er nog harder uit. En zo wordt het steeds heftiger.
Heftige bui, negatieve reactie, meer schaamte en afwijzingsgevoelens, grotere heftige buien en sneller getriggerd.
Wij zijn opgevoed om de woorden te corrigeren
“Zo praat je niet tegen mij.”
“Dat mag je niet zeggen.”
“Zeg sorry.”
Ik snap het. Het doet pijn en je wilt dat het ophoudt.
Het is onbeleefd en niet respectvol, en als je wilt dat het stopt moet je streng optreden! Tenminste, dat is wat we vroeger geloofden.
En je hebt vast al ontdekt dat dat helemaal niet werkt en het vaak juist nog erger maakt.

Maar op dat moment corrigeer je niet het gedrag van je kind. Je corrigeert zijn gevoel.
Je zegt eigenlijk: wat jij nu voelt, dat mag er niet zijn.
En dat is precies waar die bui vandaan kwam.
Ik zou zo graag willen dat we die woorden gaan horen als informatie.
Niet als een oordeel over ons, maar als een kind dat je in vier woorden vertelt hoe alleen het zich voelt.
Dat het bang is om afgewezen te worden door jou.
En dat het zich compleet overweldigd voelt zonder controle.
Wat je wél kunt doen
1. Corrigeer de woorden niet tijdens de bui
Je kind kan je letterlijk niet horen. Je woorden komen niet aan en maken het alleen maar erger op dit moment. Het stoplicht staat op rood en het overlevingsbrein staat aan.
2. Luister naar wat eronder zit
“Ik haat je” is geen mening over jou. Het is je kind dat je vertelt hoe het zich voelt.
Zie de woorden als informatie over de huidige staat van de binnenwereld van je kind.
Je kind is bang en voelt geen controle.
Je kind voelt zich niet goed over zichzelf en is bang dat jij hem of haar ook afwijst.

Dat is veel makkelijker te herkennen bij een kind dat in ‘vluchten’ of ‘bevriezen’ schiet. Iedereen begrijpt dat het kind dat huilend onder de tafel kruipt of aan je been hangt bang is.
Maar de onderliggende gevoelens zijn precies hetzelfde voor kinderen met een brein dat in ‘vechten’ schiet.
3. Beantwoord de angst, niet de zin
Dus niet: “Dat meen je niet.”
Maar: “Ik ga nergens heen.”
Of gewoon dichtbij blijven en niks zeggen.
Je hoeft niet in discussie met die woorden. Je hoeft alleen maar zijn grootste angst niet te bevestigen.
4. Laat je kind het achteraf niet goedmaken met schaamte
Geen excuses afdwingen. Geen preek. Geen “weet je nog wat je zei?”
Herstel gewoon het contact. Dat is genoeg. Neem even de tijd voor verbinding.

5. Het gesprek mag later wel
Als het weer rustig is, kun je je kind andere woorden geven voor als het weer zo vol wordt. Want uiteindelijk wil je een kind dat zich sociaal aangepast kan gedragen en gevoelens op een andere manier kan uiten.
Maar nooit tijdens de bui, en altijd zonder afwijzing of schaamte.
Die lelijke woorden gaan niet meteen weg. Maar als je weet wat eronder zit, komen ze een stuk minder hard binnen.
Als je begrijpt dat er behoeftes onder zitten kun je je hooggevoelige kind beter geven wat het van je nodig heeft.

En zonder schaamte, boosheid en straf kan je kind juist makkelijker tot rust komen en beginnen te zorgen voor minder heftige buien en lelijke woorden.
Veelgestelde vragen
Waarom zegt mijn kind “ik haat je” als het boos is?
Tijdens een bui staat het brein in overlevingsmodus. Wat eruit komt is geen mening over jou en je kind heeft er weinig tot geen controle over. Het is spanning die eruit moet. Kinderen tonen vaak hun diepste angsten als ze overstuur zijn: “Ik haat je” betekent vaak: ik ben doodsbang dat je mij haat nu.
Meent mijn kind het als het lelijke dingen zegt?
Nee. Het denkende deel van het brein staat even uit. De woorden geven uiting aan de diepste angst die je kind voelt en aan de gevoelens die het over zichzelf heeft. “Jij bent stom” betekent vaak: ik voel me stom.
Moet ik mijn kind corrigeren als het lelijke dingen zegt?
Niet tijdens de bui. Je kind kan je dan letterlijk niet horen en je woorden maken het alleen maar erger. Op dat moment corrigeer je niet het gedrag, maar het gevoel: wat jij nu voelt, dat mag er niet zijn. Het gesprek mag later, als het weer rustig is, zonder afwijzing of schaamte.
Moet mijn kind sorry zeggen na een bui?
Dwing geen excuses af, houd geen preek en zeg geen “weet je nog wat je zei?”. Dat roept schaamte op, en schaamte maakt de volgende bui heftiger. Herstel het contact en neem even de tijd voor verbinding. Dat is genoeg.
Wat zeg je als je kind “ga weg” roept?
Beantwoord de angst, niet de zin. Dus niet “dat meen je niet”, maar “ik ga nergens heen”. Of gewoon dichtbij blijven en niks zeggen. Kinderen hebben vaak even ruimte nodig om tot rust te komen, dus je wilt niet blijven praten of proberen te knuffelen. Maar weggaan of afwijzing bevestigt die angst.
Waarom worden de buien steeds heftiger?
Gevoelige kinderen worden vaak overspoeld door hun emoties. Bij kinderen met veel temperament of een sterke wil komt dat eruit als heftigheid. Heftige buien leiden vaak tot negatieve reacties, waardoor je kind meer schaamte en afwijzing voelt, wat vaker en sneller tot grotere buien leidt.
De Rust Reset
Wil je uit de cirkel van heftige buien, lelijke woorden, negatieve reacties en nog meer heftige buien?
Als niets heeft gewerkt, werkt dit wel.
Onwijs praktische hulp, holistisch en geworteld in neurowetenschap.
Makkelijk te volgen video's, met praktische inzichten, voorbeelden uit het echte leven en precies-wat-je-doet-stappen. Geef je kind én jezelf meer rust binnen 7 dagen met 10 minuten per dag.
Bekijk de Rust Reset